Briefke aan de Scheire – nu aan alleman!

Eerst en vooral even wat context: ik heb een loggere versie van deze tekst in een ver en grijs verleden al eens richting Lieven Scheire gestuurd. Hij weet er dus al van. ‘t Is de rest van de wereld die nog van niks weet.

Ik zal dan ook maar meteen bruut met de deur in huis vallen: ik mis échte wetenschap op TV.

Wetenschap wordt op TV immers vaak als een soort veredelde goocheltruc, of in de vorm van het leven en werk van wetenschappers gebracht.

Uiteraard hebben deze voorstellingen hun functie en hun verdienste, en ik kijk er ook graag naar, maar geen van beide is échte wetenschap. En dat gemis aan échte wetenschap vind ik erg jammer.

De rol van TV in wetenschapscommunicatie vind ik immers heel belangrijk; ik ben zelf gebiologeerd geraakt door wetenschap omdat ik als 12-jarige toevallig op afleveringen van ‘The Ascent of Man’ van Jacob Bronowski was gestoten op BBC 2 op zaterdagmorgen. Dat is uiteraard een programma uit een geheel andere tijd (voor de kenners: ‘t is nog van voor de high definition TVs), met een format dat vandaag spijtig genoeg onhaalbaar lijkt. Maar het bevatte wel een bijzonder heldere en effectieve visie op het communiceren van wetenschap, en had een centrale boodschap die nu, 40 jaar na datum, geen enkel teken van veroudering vertoont (ook al is een deel van de feiten of hypothesen intussen wel achterhaald – dat is echter evengoed échte wetenschap in aktie!)

Maar genoeg geklaagd en gemijmerd- hoog tijd om constructief te worden!

De bedoeling van deze blogpost is immers om collectief eens duchtig te brainstormen, en dus is bij deze IEDEREEN (ook U daar; jaja, U daar, aan de computer) welkom om hieronder eigen suggesties en commentaar te voorzien!

Ik zal meteen van wal steken met een eigen voorstel. Maak tijd voor een ‘Formule van de Week’ in een TV programma. Hierin wordt een formule voorgesteld, en uitgelegd. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren aan de hand van de manier waarop deze formule historisch tot stand is gekomen, of -waar mogelijk- met wat eenvoudige experimenten. Ook kunnen abstracte termen door concrete woorden vervangen om alles leesbaarder te maken.

Op die manier wordt de wiskundige notatie gedemystifieerd, en wordt er kennis overgebracht; de drempel naar wetenschap verlaagt, en de kijkers voelen dat ze dit onder controle krijgen; dat ze dit beheersen en begrijpen. En dat kan allemaal perfect ludiek gebeuren. Zoiets kan zeker en vast entertainment zijn, als het maar enthousiast en doordacht gebracht wordt.

Eenvoudig voorbeeld: de formule voor kinetische energie. Vertrek vanuit het feit: te hard rijden heeft nefaste gevolgen bij een aanrijding. De energie van een bewegend voorwerp (de auto) is immers functie van de massa, en van de snelheid in kwadraat. Om dit aan te tonen wordt de presentator in een  winkelkarretje geplaatst (met helm, wees gerust) en op een stevig plastic vel afgestuurd met een bepaalde, lage snelheid. De kar met presentator wordt echter terugkaatst. Dan verzwaren we de kar door naast presentator ook wat volle bakken spuitwater (of bier, of boter, al gelijk) in te laden. Opnieuw op het vel afsturen met dezelfde snelheid. Deze keer scheurt de kar er wel doorheen. De derde keer (met een nieuwe wand) halen we de ballast weer uit de kar, maar nu laten we ze (nog altijd met gehelmde presentator) wat sneller op de wand af rijden. En opnieuw knalt de presentator er doorheen. De snelheid moet hiervoor uiteraard minder sterk verhoogd worden dan de massa! Dan overgaan naar een auto crash test (zonder presentator!) bij lage en iets hogere snelheid om het helemaal visueel duidelijk te maken.

Zo’n aanpak kan de kijkers iets praktisch, nuttig of interessant geleerd hebben, maar kan ook een bepaald denkpatroon overbrengen, een manier van onderzoeken, van feiten verzamelen en van feiten evalueren. En deze verborgen lading is uiteraard het wetenschappelijk denken!

Maar genoeg over mijn idee! De bedoeling van deze post is immers om zoveel mogelijk ideeën bij elkaar te sprokkelen, en omdat ik er zeker van ben dat jullie allemaal veel betere ideeën kunnen verzinnen dan ik, nodig ik jullie allemaal uit om jullie gedachten neer te pennen! En geef toe, jullie ideeën kunnen moeilijk slechter zijn dan mijn onnozele voorbeeld!

Laat ons echte wetenschap weer bij de mensen te brengen: om de afstand tussen kijker en wetenschapper weg te werken. Om kijkers te laten begrijpen: dit is wetenschap, het is eenvoudig in principe, maar enorm breed in zijn toepassingen; het is overal en het is van ons allemaal. En het is een van de meest waardevolle verwezenlijkingen van de mens, eentje waar we collectief trots op mogen zijn!

(En wie weet, Lieven leest misschien zelfs mee…)

25 reacties

  1. Mooie post Lennart! Een invalshoek waar ik helemaal achtersta. Enkele voorbeelden:
    – het massa actie principe: vele toepassingen maar onder meer mijn domein: wiskundige epidemiologie
    – de exponentiële en logistische groeicurve (Malthus en Verhulst): bevolkingsgroei, de groei van een epidemie, …
    – …
    Deze formules zijn onder meer essentieel voor de verspreiding van griep, de vaccinatie van mensen en bescherming van zwakkeren – herd immunity, … kortom dagdagelijkse zaken waarbij we niet altijd denken aan de formules.

    • Thanks Niel, schitterende suggesties! Dat zijn prima voorbeelden, en je kan er meteen mooie simulaties aan koppelen om alles te illustreren. Het zijn bovendien actuele topics die meteen aan zullen spreken. En de griep komt er waarschijnlijk volop aan :).

  2. De formule voor osmotische druk berekeningen leent zich hier ook prima toe! Zakjes die opzwellen, zakjes die krimpen, zoet water, zout water, kruidje roer me niet…

    Leuk plan!

    • Heel zeker! Het bewegen van planten (zowel snel (zoals het kruidje), als trager (bv. zonnebloem) heb ik altijd al fascinerend gevonden! Er zijn met osmotische druk trouwens ook interessante experimenten te doen ivm acute remedies tegen constipatie ;). Alleen lijkt me dat niet echt iets dat je live op een presentator wil uittesten. 😀

  3. Formule van de Week, klinkt goed. Het lijkt me dat Lieve Scheire dit idee, inclusief het crashende winkelkarretje, gewoon kan gebruiken voor zijn volgende programma over wetenschap. Wat mijn eigen domein (sociale wetenschappen) betreft, heb ik niet meteen een strak plan om goede TV te maken. Lijkt me ook niet zo gemakkelijk, zeker niet over de methodes die we gebruiken. Goede wetenschap is eenvoudiger dan goede TV, denk ik. Ik vond ‘Het Voordeel van de Twijfel’, een vrij geslaagde poging om filosofie op TV te brengen. http://www.vrt.be/nieuws/2014/12/het-voordeel-van-de-twijfel-over-nut-van-filosofie

  4. Waar je eigenlijk voor pleit is een ban op “laangdrempeligheid”, niet uit arrogantie maar omdat je gelooft dat je mensen moet uitdagen en inspireren! En … dat doe je niet door de lat zo laag te leggen dat je zelfs niet moet springen. Kunst op televisie is hetzelfde verhaal als voor de exacte wetenschappen trouwens.

    • Goede analyse, Koen. Ik moest er even over nadenken, maar ik kwam tot de conclusie dat je de essentie inderdaad vast hebt. Ik geloof heel erg sterk in het vermogen van de TV kijkende mens om allerhande zaken echt te vatten, given half a chance. En ik geloof nog sterker dat een van de meest plezante vormen van entertainment bestaat uit iets bijleren. Als mensen meer zouden bijleren, zouden ze veel gelukkiger zijn! En je hebt uiteraard ook overschot van gelijk als je kunst in één adem noemt met wetenschap. Het gaat dan misschien niet over formules, maar het gaat evengoed over een visuele (of auditieve) taal die ontleed en besproken kan worden En waarvan de schoonheid en de voldoening bij ervaring alleen maar toeneemt na het bijleren!

  5. Eén en ander hangt natuurlijk af van wat je voor ogen hebt:
    1. een amusementsprogramma waarin wetenschap aan bod komt, inderdaad onder vorm van veredelde goocheltrucs, liefst met een blik BVs;
    2. een informatief programma over wetenschappelijke ontdekkingen, de facto documentaires;
    3. een programma dat tot doel heeft mensen aan te zetten om meer met wetenschap bezig te zijn;
    4. een programma voor wetenschappers zelf?

    Ik vrees dat de laatste jaren vooral 1. aan bod is gekomen op de Vlaamse televisie. Dergelijke programma’s hebben eigenlijk niet tot doel wetenschap tot bij het bredere publiek te brengen. En vele wetenschappers ergeren er zich dood aan, net zoals schrijvers zich ongetwijfeld doodergeren aan het zoveelste boekenprogramma.

    4. is onhaalbaar voor een breed televisiekanaal, en je kan je de vraag stellen of dat ook de bedoeling is van televisie.

    2. Heeft eigenlijk de beste kansen, maar hier zitten we natuurlijk dadelijk in de sfeer van de documentaires, die bij een groot deel van het publiek als “saai” overkomen. Alhoewel, natuurdocumentaires (wat uiteindelijk ook wetenschap is) doen het meestal wel goed. Ik denk dat iedereen wel voorbeelden kent van goede wetenschapsdocumentaires die hem of haar geïnspireerd hebben in de tienerjaren (in mijn geval de reeks COSMOS, begin jaren 80 met Carl Sagan). Maar dergelijke dingen kosten massa’s geld. Dit is echter wel waar de lat moet gelegd worden. Wetenschap vermomd als goocheltruc gaat volgens mij weinig tot niet sbijbrengen aan wetenschappelijke kennis.

    Toch een opmerking over het voorstel om uit te gaan van formules: dat veronderstelt dat mensen formules kunnen lezen, weten wat parameters zijn, basisnoties hebben van rekenen en wiskunde. Dat is een hele hoge drempel die je niet zomaar kan wegrelativeren. Bovendien is een formule slechts een beschrijving, nooit de kennis op zich. Een formule is slechts een manier om iets neer te schrijven, iets wat je misschien ook gewoon in woorden en intuïtie veel beter kan uitleggen. Formules heb je niet nodig om dingen te begrijpen, wel om ermee te kunnen rekenen …

    Nog een allerlaatste bedenking: Het meest populaire wetenschappelijke tv-programma is … het dagelijkse weerbericht :-) Het kan gek lijken, maar het is wel 5 minuten per dag waar op een redelijk ernstige manier over wetenschappelijk waarneembare fenomenen wordt gepraat. Het is niet voor niets dat in vele weerberichten af en toe wel iets wordt gezegd over de maan, een planeet, of in de tijd van Armand Pien, over een gekke groente of wortel. Onderschat de impact van het weerbericht niet!

    • Beste Philip,
      Goede suggesties doch hangt de keuze van programma af van de doelgroep die je wil bereiken en grotere variatie is welkom.
      Ik ben het niet eens met je paragraaf over de beperkingen van het voorstel om te vertrekken van een formule. Vooreerst dient een formule uitgelegd te worden zonder in wiskundige abstractie verzeild te geraken. Dat is een kunst op zich en vele collega’s beheersen die kunst. Mijn standpunt is wellicht vertekend doch mijn inziens mag het belang van een formule niet onderschat worden. Formules heb je wel degelijk nodig om dingen te begrijpen en zijn er niet louter om mee te rekenen. Ze geven inzichten voorbij de soms oppervlakkige intuïtie die aan bepaalde fenomenen gekoppeld wordt.

    • Bedankt voor de reactie, Philip! Veel goeie info!
      Wat programma types betreft, is er natuurlijk wel nog de trojaanse paard versie van optie 3; waarbij in bestaande, type 1 amusementsgerichte programma’s met fotogenieke BVs vijf minuutjes tijd gemaakt wordt om ook wat dieper te graven. Er moet niet meteen een heel programma aan gewijd worden; we moeten niet lopen voor er gewandeld wordt. Zoiets is trouwens ook perfect in type 2 programmatie (docu stijl over wetenschappers en/of hun ontdekkingen) perfect in te passen.
      Dat type 4 niet realistisch is, ben ik volledig mee akkoord. Wetenschappers kunnen al op zeer veel manieren communiceren, en hebben hiervoor geen specifieke TV nodig.
      Type 3 lijkt me inderdaad zeer moeilijk haalbaar. Je hebt het over geld, maar dat lijkt me niet de primaire drempel – dat is eerder het vinden van een zo bezield en begeesterend persoon dat je zo’n programma echt kan dragen! Ik heb Cosmos pas enkele jaren geleden voor de eerste keer gezien, en dat is ook een monumentale tour de force in de wetenschapscommunicatie! Maar eentje die vooral gedragen wordt door de persoon van Carl Sagan; de passie en intensiteit straalt er gewoon af!
      Wat formules betreft, wil ik de kijker ook zeker niet onderschatten. De symbooltaal kan doorgaans omgezet worden in gewone taal – kinetische energie kan ik schrijven als: energie = 1/2 x massa x snelheid x snelheid; da’s wiskunde die volgens mij heel veel mensen begrijpen, al zeker als je er wat concrete voorbeeldjes bij zet. Zodra je kleine getalletjes invult (bv. een keer 2 en een keer 4 voor massa en snelheid), en laat zien wat er gebeurd met de uitkomst, denk ik net dat je de wiskunde gaat demystifiëren. De bedoeling moet altijd zijn: inzicht krijgen is niet moeilijk. Echt met de wiskunde spelen is wel degelijk voor gevorderden, maar de impact van termen in een formule kunnen begrijpen is doorgaans heel goed doenbaar – mits rustig en eenvoudig uitgelegd, en geconcretiseerd met eenvoudige getallen.
      Het weerbericht is inderdaad een goed voorbeeld van meer wetenschappelijke TV, alleen dat er daar vooral beschrijvend over fenomen gesproken wordt; er wordt geen echt inzicht overgebracht. Maar zeker en vast een der meest wetenschappelijke programma’s op televisie! Er is trouwens ook altijd zeer veel high tech data te zien, en foutenmarges op voorspellingen!

  6. De random walk en zijn gevolgen voor biodiversiteit. De notie dat soorten ook per ongeluk kunnen uitsterven is altijd fijn om uit te leggen. Ik heb al eens met verschillende kleuren knikkers een spelletje zitten bedenken maar is er nooit van gekomen om dit effectief te testen. Een bottleneck is dat de tijd tot extinctie hoog oploopt als de initiële populaties groot zijn. Is misschien ook leuker als je het met mensen doet (waarbij je soorten creëert door verschillende kleuren T shirts of zo). Eraan gekoppeld (en actueel): het belang van immigratie voor instandhouding van diversiteit. De notie dat geïsoleerde systemen de neiging hebben om te evolueren naar monodominantie.

    Super initiatief!

    • Leuke voorbeelden uit de ecologie, Frederik! Zeker ook actueel, met de probelmatiek van de snel tanende biodiversiteit en de huidige migratie stromen in gedachten. Je idee om spelletjes te bedenken om bepaalde systemen of modellen te illustreren is overigens heel erg goed. Daar is zeker iets mee aan te vangen: webpagina met zulke eenvoudige spelletjes online gooien voor lagere en middelbare scholen (dit is mogelijks al gedaan, beter geïnformeerde (Jonge Academie) collega’s weten dit misschien?)

  7. Dag Lennart, wat een leuk idee!

    Bij de premisse “Maak tijd voor meer échte wetenschap in een tv-programma” enkele losse bedenking, tussen het schrijven van een FWO-aanvraag door.

    1. Wat uitgezonden wordt op tv wordt niet enkel gestuurd door de presentator, maar door een heel redactieteam, met daarbovenop eindredacteurs, hoofdredacteurs en een directiecollege. Het lijkt me daarom geen slecht idee om hén de vraag te stellen waarom ‘echte’ wetenschap ontbreekt en welke mogelijkheden/valkuilen zij zien voor de toekomst. Er is best wel vraag naar wetenschap, maar wetenschap en media hebben een vrij complexe relatie tot elkaar, en in beide werelden gelden andere wetten. Ik geloof dat verandering op televisie van binnenuit kan komen – mogelijks gestuurd door helderen ideeën van buiten. Of mensen op de grens tussen beide. Zo zullen veranderingen in een bepaald wetenschappelijk onderzoeksgebied ook gebeuren van binnenuit, zelden op aangeven van de media die zegt hoe we iets zouden moeten doen. Regelmatige ontmoetingen tussen journalisten/ tv-makers en wetenschappers kan zijn vruchten afwerpen.

    2. In ‘een’ tv-programma. Zoals hierboven reeds aangehaald is het soort programma wel van belang. Een VRT-journaliste vertelde me ooit dat de bijdragen voor Het Journaal zodanig gemaakt worden dat een geïnteresseerde 14-jarige kan volgen. Daar zit voor specifieke programma’s op bepaalde zenders wellicht wat marge op, maar niet lopen voor we kunnen stappen lijkt me een goeie ingesteldheid, die wellicht (in het begin?) laagdrempeligheid met zich mee zal brengen.

    3. We hebben in België geen traditie van wetenschapscommunicatie. Dat valt vooral op bij het bekijken van Britse programma’s of het bezoek aan een Science Festival (Cheltenham, Edinburgh, Cambridge, …). Stilletjes aan komt die traditie wel van de andere kant van het kanaal overgewaaid (inclusief de science comedy), en het is het moment om op de kar te springen. De samenwerking tussen de Jonge Academie en De Standaard in september was alvast een hoopgevend voorbeeld.

    4. Ik ben wellicht bevooroordeeld, maar ik vind dat Canvas op de goeie weg is. Het programma ‘Wetenschap redt de wereld’ was wat mij betreft nieuw in zijn soort op de Vlaamse televisie. Ook in De afspraak proberen we toch telkens de ‘echte’ wetenschap aan te raken (tonen en uitleggen van een X-straal diffractiepatroon, werking van het CRISPR/Cas systeem uitleggen, duiden dat wetenschap verder bouwt op wetenschap, etc.)

    5. Blijft de cruciale vraag hoe ‘échte’ wetenschap precies gedefinieerd moet worden en wat er al dan niet onder valt.

    6. Het moet gezegd dat heel wat wetenschappers nog altijd vinden dat wetenschap zich niet met de media moet bezighouden, en omgekeerd.

    7. Een eigen productiehuis waarin dit soort ideeën kan borrelen, uitgewerkt worden en verkocht kan worden? Young Acadmic Productions, het heeft wel iets…

    Keep up the good work!
    Hetty

    • Thanks Hetty, zeer interessante commentaren!
      Wat het beslissingproces betreft: zeker akkoord dat hier een heel (complex!) beslissingsproces bij kjomt kijken, maar we moeten ergens beginnen met ideeën spuien. Die kunnen dan hopelijk opgepikt worden en misschien tot inspiratie dienen.
      Die vuistregel van 14 jaar is een goede standaard; en ik denk daarbij dat we 14-jarigen niet moeten onderschatten. Ik heb al eens het leven van een ster uitgelegd aan 7-jarigen, en het is ongelofelijk hoe goed die mee kunnen.
      Wat traditie betreft, het is nooit te laat om te beginnen, en inderdaad kudos voor Canvas; daar zitten inderdaad goede ideeën achter de wetenschapsprogrammatie – en het zou ideaal zijn als dat momentum nog net iets verder doorgetrokken kan worden.
      Het idee van een eigen productiehuis is zeker niet slecht; we waren toevallig net met een aantal mensen van de Jonge Academie aan het kijken naar het zelf maken van filmpjes (wel breder dan alleen wetenschapscommunicatie, maar kan hier zeker onder vallen). We kijken dan naar ons YouTube kanaal, en niet naar een formele zender, maar het zou een begin kunnen zijn ;).

  8. Interessante blogpost! Het is inderdaad nodig om hier eens uitgebreid over te brainstormen. In mijn ogen is een wetenschapper iemand die in staat is om complexe systemen/onderwerpen te begrijpen d.m.v van de kennis die hij/zij opdoet voor en tijdens zijn/haar onderzoek en dit op een SIMPELE maar informative manier kan communiceren naar het grotere publiek. We moeten hier zeker eens over nadenken hoe we wetenschappers beter kunnen trainen om hun boodschap op een interessante en doeltreffende manier te communiceren via de media zoals bij wetenschappelijke tv-programma’s of interviews.

    Om even verder te gaan op je blogpost, dit zijn in mijn ogen de 3 belangrijkste redenen om te kijken naar een informatief programma:

    1) Humor: Hoeveel mensen gingen er nog kijken naar de 13de (!) reeks van de slimste mens ter wereld indien er geen humor aanwezig was?

    2) Visuele middelen: Dit is wel een aspect waarover we eens deftig moeten over nadenken. De hoeveelheid informatie die we elke dag moeten verwerken is immens toegenomen. Gebruik van de juiste visuele middelen zullen er meer in slagen om informatie vlugger en efficiënter (hoeveel wetenschap gaat er momenteel niet verloren door het massaal publiceren) te verwerken en op te nemen. Ook in wetenschappelijke tv-programma’s moeten we dit maximaal benutten. Ik denk nu bijvoorbeeld aan het Journaal waarbij ze meer en meer gebruik maken van iconen om een bepaald stukken toe te lichten (veel efficiënter en aangenamer om naar te kijken dan een zoveelste interview waarbij je na 2 min niet meer volgt). Hierbij wou ik ook nog even reclame maken voor mijn zelfstandige activiteit, ik ben namelijk recent begonnen met het aanbieden van grafische ondersteuning aan wetenschappers om wetenschapscommunicatie te verbeteren. Meer info op http://www.scigrades.be

    3) Interactiviteit: 3de en laatste punt, het gebruik van interactiviteit zal volgens mij de komende jaren sterk toenemen in tv-programma’s. Meer en meer mensen hebben een tablet of een smartphone in huis. Zou je zoon van 12 nu niet meer gestimuleerd zijn om te kijken naar een wetenschappelijk programma als hij zijn papa kan verslaan op een tablet tijdens een quiz?

    Kortom: we moeten hier veel meer creatief in zijn en regelmatig de strategie aanpassen zodat de interesse niet verzwakt! (zoveelste wetenschappelijke quiz,..)

    • Thanks, Pieter! Wel een punt af voor de sluikreclame :). Je suggestie 3 is een zeer goede: interactieve TV kan heel erg leuk zijn om wetenschap beter te communiceren! Daar moeten we inderdaad eens goed over nadenken!

      • Dag Lennart,

        Excuses, ik wou hier toch even gebruik van maken. :) Ik kwam vorige week in contact met Hermen Visser die Nederlandse wetenschappers begeleid bij het communiceren van hun onderzoek. Hij heeft recent een platform ontwikkelt die wetenschappers en journalisten met elkaar in contact brengt. Kijk gerust eens op scienceonair, er zijn plannen om uit te breiden naar België. https://www.scienceonair.com/

    • Ja lap, Esther. Op slag ziet mijn blogpost er helemaal amateuristisch uit ;). Zeer goede tekst, met klare taal. Pas de boodschap aan aan het medium. En het medium televisie kan zeker compatibel zijn met de boodschap ‘wetenschap’. De meeting of minds tussen experts uit de televisiewereld, en goede wetenschapscommunicatoren, is ook een heel goed punt. Dit soort zaken (zoals ook al hogerop opgemerkt in de commentaren) groeit niet in één dag. Maar er moet wel aan begonnen worden, en dan moet het momentum bewaard blijven!

  9. tof idee… Ik kan er zo wel tientallen uit mijn mouw shudden:

    * zwaartekracht en luchtweerstand ==> valt iets zwaar even snel als iets licht? Hoe werkt een parachute, etc.
    * hefboomeffect: waarom werkt een koevoet? een wip? een hamer…
    * breking van het licht: visje die je anders ziet zwemmen in een visbokaal, lenzen, fototoestellen, brillen, …
    * adhesie, cohesie: waarom kan ik beter een zandkasteel maken van nat zand, hoe wandelt een kameleon op een muur, hoe werken post-its, …

    Trouwens, Lieven Scheire heeft vanaf nu zondag een nieuw programma op Ketnet. http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/cultuur%2Ben%2Bmedia/media/1.2545224 Superbrein, met wetenschappelijke experimenten. wie weet kan hij er wel af en toe een formule tussen gooien :-)
    Vanavond meer uitleg op Van Gils en gasten…

    • Marian, bedankt voor de bijdrage! En meteen van iemand die er middenin staat! Het nieuwe programma van Lieven is zeker een aanwinst, eens te meer omdat het kinderen aanspreekt! Er is duidelijk wel een en ander aan het bewegen op onze TVs; nu is het aan ons (de wetenschappers) om dit momentum te blijven voeden en ondersteunen!

  10. Dag Lennart en co, interessante discussie hierboven. Hierbij enkele bedenkingen vanuit de cel wetenschapscommunicatie:

    1. Iemand pleitte hierboven voor een ban op laagdrempeligheid. Daar ben ik het niet mee eens, al gaat het om een nuanceverschil. Ik geloof dat de drempel – afhankelijk van je precieze doelstelling natuurlijk – zo laag mogelijk moet worden gehouden, maar dat betekent niet dat je het na de drempel niet hogerop mag/moet gaan zoeken. Belangrijkst is dat je de route niet te steil maakt (of om in wiskunde-thema te blijven: de eerste afgeleide van de moeilijkheidsgraad mag niet te groot zijn 😉

    2. Over de formules: die heb je inderdaad niet (per se) nodig om iets te begrijpen. Als je op tv formules gebruikt moet je dat doen om mensen de taal (een taal) van wetenschappers te leren kennen, om te laten zien wat voor krachtige tool zo’n formule is, om hen er plezier aan te laten beleven dat het hen lukt te begrijpen hoe zo’n eenvoudige formule werkt en gebruikt kan worden.

    3. Aansluitend daarbij: ik zou persoonlijk graag meer aandacht zien gaan naar hoe wetenschap werkt en wat wetenschap is. Dat meer mensen het belang van proefopzet zouden gaan inzien, van herhalingen, meta-analyses, dat ze cherry picking leren kennen, de problematiek van open data. Dat ze begrijpen waarom wetenschappers het vaak niet met elkaar eens zijn, maar ook beseffen hoe groot de consensus vaak is. Dat ze merken dat wetenschap verschrikkelijk divers is, en dat een wetenschapper meer niet weet dan wel. Dat ze begrijpen dat een wetenschappelijke theorie iets anders betekent dan in het dagelijks taalgebruik (waar theorie eerder iets als hypothese betekent). En dat ze snappen hoe onzekerheid, en het inbouwen van de mogelijkheid tot falsificatie, net de sterkte is van wetenschap. Een ambitieus en veel te hoog gegrepen programma – en dan ben ik nog niet eens volledig – maar ik vind het “proces” van wetenschap zeker even boeiend als haar producten. Wie hier geen enkel zicht op heeft, mist wat mij betreft een deel van onze cultuur. Aan de andere kant zou het al leuk zijn als wetenschap nergens meer verkeerd wordt voorgesteld – denk “Science is (always/only) fun”!
    Hoe je zoiets het best brengt weet ik – helaas! – ook niet. Ik neem aan dat je sowieso de omweg van een verhaal/cases zult nodig hebben, anders wordt het veel te droog.

    4. De piste van het Trojaanse paard is een krachtige. Wetenschap invoeren in andere programma’s heeft het voordeel dat je er een ander, ruimer publiek mee bereikt dat misschien niet naar een zuiver wetenschapsprogramma zou kijken. Wat Hetty doet in de afspraak is een uitstekend voorbeeld; en ook “De wereld draait door” bij onze noorderburen schijnt daar erg goed in te zijn. Idem voor café Corsari waar ik in Lieven Scheires rubriek af en toe erg goede dingen zag passeren. Belangrijk aandachtspunt bij de Trojaanse paard strategie is dat je voldoende duidelijk benoemt waar de mensen naar aan het kijken zijn. In bovenstaande voorbeelden zit dat denk ik wel goed, maar je ziet soms bij pogingen om jongeren te interesseren voor STEM dat er leuke, interessante activiteiten worden georganiseerd, maar dat men dan vergeet te zeggen hoe wat ze gedaan, geleerd hebben wetenschap is. In dat geval zullen de jongeren hun positieve ervaringen ook niet gaan associëren met STEM/wetenschap.

    5. Het lijkt inderdaad een goed moment om met de VRT in gesprek te gaan over meer wetenschap op de buis. De nieuwe beheersovereenkomst vraagt meer aandacht voor de informerende rol van de openbare omroep, waaronder berichten over wetenschap. Aan de andere kant lijken productiehuizen ook een interessante toegangspoort, gezien de VRT uiteindelijk nog maar heel weinig programma’s zelf maakt, en je onmiddellijk bij de makers zit.

    6. Wat doelstellingen betreft zijn er een hele rij mogelijkheden denkbaar: mensen beter informeren over hoe dingen werken opdat ze betere beslissingen zouden kunnen nemen (alles wat met gezondheid of milieu-impact te maken heeft is een goed voorbeeld); het draagvlak voor wetenschappen (alle wetenschappen of STEM), en voor een beleid dat hierin investeert, vergroten; een realistische beeldvorming van onderzoek(ers); mensen geïnteresseerd krijgen in de natuur en/of wetenschappen; … Ze zijn niet zomaar combineerbaar en vergen vaak een andere aanpak. Het is bvb. altijd opletten niet “voor eigen kerk te gaan preken”. En initiatieven waar de vorm belangrijker is dan de inhoud (vb. Bright club, dat focust op humor waarbij het onderwerp wetenschap is) zijn misschien niet zo leerrijk, of laten ons niet bijzonder gefascineerd achter, maar dragen wel bij tot beeldvorming van onderzoekers als “gewone” mensen (de sprekers op zo’n Bright club zijn onderzoekers die hiervoor een korte coaching kregen).

    7. Een laatste bedenking: strikt genomen gaan veel documentaires en programmavoorbeelden hierboven over (de werking van) de (levende en niet-levende) natuur. Ze etaleren kennis, leggen uit hoe dingen werken, en gaan daarmee enkel in op het resultaat van wetenschap. Daar is niets mis mee – uiteindelijk is het daardoor dat veel onderzoekers oorspronkelijk gefascineerd raakten – maar het lijkt me een plus als je ook min of meer toont hoe we dat weten. Zoals Bill Bryson (in “A short history of nearly everything”) en vele anderen bewezen hebben, zijn dat vaak meeslepende en spannende verhalen. En daarmee sluit ik opnieuw aan bij punten 3 en 4 hierboven… Zo’n reeks als “Cosmos” of “the Ascent of Man” zou het in een geactualiseerde versie nog altijd doen denk ik.

    • Twee keer bedankt, David! Eén keer om de blogpost levend te houden, en de tweede keer om jouw doordachte, brede input.
      Ik denk dat je de anti-laagdrempeligheid uit puntje 1 moet zien als een oproep om direct naar de hogere drempels te gaan. Ik vermoed (en vind zelf) dat de noodzaak om altijd maar laagdrempelig te blíjven het probleem is.We mogen niet bang zijn om zachtjesaan crescendo te gaan met wetenschap op TV!
      Wat de formules in puntje 2 betreft, sla je de nagel wat mij betreft op de kop. Een heel beangrijk aspect van wetenschap is emancipatie; het eerst in kaart brengen, en dan (soms moeizaam) overstijgen van de limieten van onze kennis. En dat maakt het zo lonend om die iets hogere drempels op te zoeken (cfr. punt 1). Kijkers laten ondervinden dat ze een heleboel formules eigenlijk best goed begrijpen, zou toch zalig zijn?
      Wat je derde puntje betreft: chapeau! Dit is gewoon een draaiboek voor wat goede communicatie over wetenschap inhoudt – de methode van de wetenschap. En wat ik er nog als enige element aan zou willen toevoegen, is dat sommige van die stappen contra-intuitief zijn, of zelfs tegen onze standaard gedachtenprocessen ingaan. Want dat is precies de reden dat deze zaken aangeleerd dienen te worden! We worden niet als wetenschappers gebeuren, maar eigelijk kan iedereen leren om het te zijn!
      Helemaal akkoord met puntje 4, zowel dat er al goede trojaanse paarden zijn, maar ook dat we de vinger die wijst, niet met de maan verwarren! Er moet altijd duidelijk zijn dta het over wetenschap en wetenschapscommunicatie gaat. Het trojaanse aspect van het paard moet dus beperkt blijven tot de verpakking in een ander soort programa (ttz.: een niet-wetenschappelijk programma), maar eenmaal de Grieken uit het paard springen, mag iedereen weten dat het Grieken zijn!
      In puntje 5 haal je (enigszins tussen de lijnen door) een belangrijk punt aan: we moeten meer netwerken. Er moet meer toenadering zijn tussen wetenschappers en de professionals van de televisiewereld. Daar zit momenteel een enorme kloof, waarvoor de verantwoordelijkheid aan twee kanten ligt. En waar de oplossing eenvoudig is en ook van beide kanten kan komen: maak de tijd om elkaar te ontmoeten, om te praten, om te dromen, en om te plannen! Kan er zo niets georganiseerd worden, denk ik dan spontaan? Lijkt me niet moeilijk…
      Ik zou voor de doelstellingen in puntje 6 nog in hoofdletters durven toevoegen: het denken van mensen verrijken. Het lijkt me verreweg de meest nuttige gift van de wetenschap dat ze ons een raamwerk geeft waarbinnen we efficient en doelgericht problemen kunnen begrijpen, en problemen kunnen oplossen. Ik denk dan altijd aan Richard Feynman’s verhaaltje: “He fixes radios by thinking about them!” Dát moeten we zeker overbrengen aan mensen: jij kan ook vanalles begrijpen én oplossen, door er op de juiste (maar helaas soms wat contra-intuitive, zie ook hoger) manier over na te denken!
      Als we alles in ogenschouw nemen, denk ik dat de manier om een nieuwe Cosmos of Ascent of Man op televisie brengen (puntje 7) in een stappenplan kan samengevat worden: (i) durf de drempel zachtjes verhogen, gebruik makend van de trojaanse paard techniek; (ii) zorg intussen voor meer creatieve contacten tussen TV professionals en wetenschappers, en dit in duidelijk en sterk contrast met de huidige, achter de feiten aanhollende mechanismen waarin contacten voornamelijk gebeuren in het kader van snel iemand opduikelen over topic X of Y (met dit laatste is niets mis, maar dit allesbehalve cratief; nothing new will come of it); (iii) werk op het verrijken van de wereld van de kijker door wetenschap als denkpatroon over te brengen en aan te leren; en (iv) zoek een persoonlijkheid (persoonlijkheden) die zoiets kunnen dragen – charisma is key! Als die zaken bij elkaar komen, denk ik dat het perfect mogelijk is om een succesvol programma alla Cosmos of Ascent of Man op poten te zetten!
      Wanneer beginnen we? 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *